Hoor je het jezelf en anderen ook weleens zeggen? “Oh, wat héb ik het druk”. De laatste tijd ben ik er op gespitst geraakt en naarmate mijn bewustzijn groeit, neemt mijn fascinatie voor deze uitlatingen verder toe. Want wat betekent het nou eigenlijk als iemand zegt dat hij of zij het ‘druk’ heeft? Welke verkapte boodschappen gaan er schuil achter dit containerbegrip? En zou het iets opleveren als we iets anders zouden zeggen, tegen onszelf en tegen anderen? Maakt het uitspreken van ‘druk hebben’ ons druk, of zijn we het echt?

Directeuren hebben het altijd druk

Of iemand het druk heeft lijkt samen te hangen met de functie die iemand heeft. Directeuren zijn over het algemeen ‘errug druk’. Of, toch niet? Een alternatieve verklaring is dat directeuren vaak benaderd worden. Het zijn de beslissingsbevoegden van deze wereld, die de buit mogen verdelen. Dat trekt natuurlijk de nodige aandacht. Aan de ondersteuners de taak om focus aan te brengen in de agenda. “De directeur is erg druk”, betekent zo bezien dat de directeur vaak benaderd wordt en de ondersteuners moeite moeten doen om mensen op een afstand te houden.

“Als iemand zegt dat het ‘zo ontzettend druk’ is, dan doet dat mij vermoeden dat de restcapaciteit volgepland is.”

Wie druk is kan geen ‘nee’ zeggen

Je kunt ook theoretiseren dat ‘het druk hebben’ iets te maken heeft met planningsvaardigheden. Wanneer je van een machine 100% capaciteit verwacht, is het wachten op problemen. Er is altijd restcapaciteit nodig om onvoorziene omstandigheden op te vangen. Als iemand zegt dat het ‘zo ontzettend druk’ is, dan doet dat mij vermoeden dat die restcapaciteit volgepland is. Op de korte termijn levert dat wat op maar op de lange termijn gaat de capaciteit achteruit. Overspannenheid en burn-out zijn hier voorbeelden van.

“Dat we moeilijk ‘nee’ kunnen verkopen is onderdeel van onze cultuur.”

Een mogelijk drijvende kracht achter het niet kunnen plannen is dat we moeilijk ‘nee’ kunnen zeggen of zelfs actief werk naar ons toetrekken. We hebben het in ons om altijd meer te willen, anders waren we als mensheid niet zo ver gekomen. Maar om je capaciteit (lees kwaliteit en welzijn) op de lange termijn op peil te houden, moet je in staat zijn om ‘nee’ te verkopen en om hulp te vragen. Als dat niet lukt, lopen je agenda’s en takenlijsten binnen de kortste keren over.

Dat we moeilijk ‘nee’ kunnen verkopen is onderdeel van onze cultuur. Een cultuur waarin het ideaal of de norm ‘het druk hebben’ is. We willen allemaal belangrijk zijn, impact hebben, en interpreteren taken die op ons afkomen als blijk van toegevoegde waarde. We kunnen ons dan bewijzen.

Als je zou zeggen dat je het helemaal niet druk hebt, dan roep je argwaan over jezelf af: ”Profiteur, je loopt de kantjes er van af en laat anderen het werk doen”. Ik ben benieuwd hoe mensen reageren als je ‘nee’ zou verkopen met het argument dat je het niet druk wilt hebben.

Collectieve onwetendheid

Het doet me denken aan een begrip uit de sociale psychologie: pluralistic ignorance (collectieve onwetendheid). Alle leden van een groep doen een vooraanname over een bepaalde norm in die groep. Die vooraanname bepaalt vervolgens hun gedrag, dat in het verlengde van de norm ligt. Echter, ieder individueel lid is het eigenlijk helemaal niet zo eens met die norm. Als je dat van anderen niet weet, dan is het toch lastig om tegen de groep in te gaan. Sociale uitsluiting is immers één van de grootste rampen die ons als sociaal wezen kan overkomen.

Een voorbeeld

Afgelopen zomer kwamen we binnen ProjectYou te spreken over de beloningsstructuur. Altijd een spannend onderwerp. We hebben een cultuur gecreëerd waarin we altijd klaar staan voor elkaar, ook als je het zelf ‘heel druk’ hebt. Samen zijn we sterker, is het paradigma waarin we leven. Maar mensen hadden hier ook last van, en dat begon te wringen. Als je een halve dag bezig bent met het helpen van anderen, kom je immers niet aan je eigen werk toe. Velen herkenden dit aspect van hoe wij het hebben georganiseerd, zonder dat ze hier van elkaar goed van op de hoogte waren. Toen het naar voren kwam in een open gesprek, hebben we er ook iets aan kunnen doen.

Ben zelf helaas ook druk

Ik hoor het mezelf ook zeggen en denken, dat ik het druk heb. Het is voor mij gekoppeld aan dat ik veel te doen heb. Maar gek genoeg hoor ik het mezelf niet zo snel zeggen als het om repetitief werk gaat. Het hangt samen met denkwerk, uitdagend werk, waarvan ik nog niet precies weet hoe het eruit gaat zien of dat het gaat lukken. Als ik weinig tijd heb voor dit soort werk maak ik me zorgen. Komt het wel goed? Ga ik het wel redden? Ga ik de kwaliteit wel leveren die ik van mezelf verlang? Juist op die momenten vergeet ik te plannen. Het overzicht gaat verloren. En precies daardoor neemt de mentale druk verder toe.

“Het lijkt erop dat de gedachte ‘ik heb het druk’, de druk alleen maar doet verhogen.”

Sinds ik er gespitst op ben geraakt word ik ook herhaaldelijk geconfronteerd met mijn eigen drukdoenerij. Tegelijkertijd heeft het me in staat gesteld weerstand te kunnen bieden tegen dit proces. Het lijkt erop dat de gedachte ‘ik heb het druk’, de druk alleen maar doet verhogen. Van stress ga ik niet beter presteren. Er komen ook niet meer uren in een dag. En ik ga me er ook niet prettiger bij voelen. Als er veel te doen is, en het is denkwerk, dan kan ik beter even afstand nemen om overzicht te creëren. Kijken naar wat je feitelijk te doen hebt, taken afstoten, versimpelen, prioriteren. Allemaal manieren om het jezelf aangenamer te maken.

En nu stop ik, want ik moet nog een rapport schrijven en komende week is erg druk.

 

Geschreven door: Tim de Witte

Recent Posts